maandag

Montolieu

Foto: Annoesjka Brohm
Een gewoon Frans dorpje, zo’n twaalfhonderd kilometer hier vandaan. Zo klein, dat het je op de kaart misschien niet eens zou opvallen. Voor de gewone sterveling heet het dorpje Montolieu. Boekenliefhebbers weten: daar, verspreid over een paar straatjes, zijn vijftien boekhandels te vinden. Hier is de boekenliefhebbershemel.

De boeken wonen in winkels dicht op elkaar, in smalle straten gemaakt van oude muren. Elke winkel, hoe klein ook, heeft een sfeer zoals een boekhandel hoort te hebben: de geur van papier, de geur van kennis. Elke boekwinkel geeft de illusie van gezellige rommel, maar je snapt direct de indeling en in een oogopslag zie je jouw nieuwe favoriete boek.
En anders vraag je het aan de boekhandelaar: ‘Ik heb dat ene boek gelezen, dat vond ik geweldig, en nu zoek ik net zoiets’.
Trefzeker zal hij op een kast aflopen, met krakende ledematen een trapje opklimmen, zich uitrekken naar de bovenste plank en met licht gebogen vinger langs de ruggen van drie, vier boeken gaan tot hij stilhoudt bij een titel. Deze, zal hij zeggen als hij zacht hijgend van de klim weer voor je staat en het boek met voorzichtige dwang in je handen duwt. Deze moet je hebben.
Nieuwsgierig lees je de achterflap, de eerste paar zinnen, ook al weet je dat het niet nodig is. De boekhandelaar heeft je smaak goed ingeschat.
Ja, dit boek.

Je moet Frans kunnen spreken om ten volste te kunnen genieten van alles wat Montolieu heeft te bieden. Een nadeel? Niemand heeft ooit beweerd dat je geen moeite hoefde te doen om in de hemel te komen. Voor een boekenliefhebbershemel is dat niet anders.


www.montolieu-livre.fr

zaterdag

Zoek de verschillen

Verborgen in de bergen bij Gordes, op de hoogte van Avignon, vind je een vallei met lavendelvelden. De mistral bereikt het dal nauwelijks, zodat de warmte er altijd blijft hangen. De zachte geur van lavendel is overal te ruiken. Ook in de Abbaye Notre-Dame de Sénanque. Hoe dik de muren van de cisterciënzer abdij ook zijn, in elke ruimte waar je als gewone sterveling mag komen, is de geur aanwezig.

Zoals elke abdij is ook de Notre-Dame de Sénanque een verstilde plek. Die staat in schril contrast met de toeristische trekpleister die de abdij is geworden. In het hoogseizoen is het zoeken naar een plekje waar je geen mensen ziet, zodat je die stilte kunt proberen vast te leggen. Maar als je die foto dan hebt genomen, kunnen de kleuren nog wel eens tegenvallen. Een mooie tijdsbesteding op een regenachtige zaterdag om per gedeelte van de foto de kleuren te beïnvloeden zodat het meer lijkt op de herinnering. Nu de geur nog.

foto: Annoesjka Brohm
De originele foto
foto: Annoesjka Brohm
De bewerkte versie

vrijdag

Bar Tabac

Montfaucon - foto: Annoesjka Brohm
Het dorp waar ik met mijn Franse vriend had afgesproken was niet zo’n probleem om te vinden. Dat mijn navigatiesysteem er ondertussen mee was opgehouden, lag niet aan Montfaucon. Ik had alleen niet kunnen vermoeden dat ik het dorp vele malen moest doorcrossen voor ik de Bar Tabac had gevonden waar mijn vriend op me zat te wachten.

Voor de zoveelste keer reed ik langs het postkantoor, dat gesloten was en eruit zag alsof het nooit meer open zou gaan. De verlaten kerk, misschien kwamen er een paar mensen elke zondag. Geen boulangerie, geen boucherie. Zelfs geen pharmacie, terwijl elk zichzelf respecterend Frans dorp daar toch minstens een van heeft. Ik keek de tuinen in. Ook daar, geen mens te zien. De kleurige bloemen deden vermoeden dat er wel iemand woonde. ...Toch? Ik ken de Franse slag, maar de gebladderde buitenmuren waren voorbij elke Franse slag die ik kende.

Klaar om mijn zoektocht op te geven, keerde ik mijn auto. Dit dorp had geen Bar Tabac, was ik plots overtuigd. Mijn Franse vriend had een grap met me uitgehaald, ik wist het zeker. Mopperend wilde ik wegrijden, toen ik ontdekte dat ik het hele dorp vanuit een andere hoek zag dan ik eerder had gedaan. De Bar Tabac lag aan het pleintje waar ik al minstens drie keer overheen was gereden.

Jongens hingen in de deuropening en keken nieuwsgierig toe terwijl ik steeds onhandiger mijn auto parkeerde. Een oudere man kwam bij de jongens staan en ik een flits zag ik de gelijkenis in zijn gezicht met een van de jongens. Plus ça change, plus c’est pareil.

“Had je geen plek kunnen uitzoeken die nog moeilijker is te vinden?”, grapte ik tegen mijn vriend in de Bar Tabac. Niet-begrijpend trok hij zijn wenkbrauwen op. Ik hoefde toch alleen naar het centrum van een heel klein dorpje te rijden...?

donderdag

Festival d’Avignon 10 – Music & Comedy

Ooit wilde Rebecca Carrington dolgraag als Madonna zijn, maar ze kreeg een cello. Uiteindelijk maakte dat niet uit, want de cello, die de naam Joe draagt, heeft haar overal mee naartoe genomen. Van een klassiek orkest naar Brazilië, naar Japan, Amerika, India en Schotland. En in Music & Comedy laten Rebecca Carrington, Colin Brown en Joe je horen wat die reis bracht.

Bach gaat over naar Sting. Edith Piaf gaat over naar Madonna naar de Black Eyed Peas. Schaamteloos soepel zingt Rebecca Carrington verschillende muzieksoorten uit alle uithoeken van de wereld. Ondertussen weet ze geluiden uit haar cello te krijgen waar je mond van openvalt. De ene keer is het ‘gewoon’ een cello, dan een Spaanse gitaar, een elektrische gitaar, een banjo, sitar en zelfs doedelzak. Haar partner Colin Brown komt zo nu en dan het podium op als rapper, percussionist en speelt tenslotte met haar mee als Schotse doedelzakspeler.

Vrolijk worden in Music & Comedy buitenlandse clichés belachelijk gemaakt, wat zo humoristisch gebeurt, dat lachen onvermijdelijk is. Niet voor niets heeft het duo (of eigenlijk trio) vele internationale prijzen gewonnen.



Music & Comedy van Carrington-Brown, van 8 t/m 31 juli in Théâtre Du Balcon in Avignon om 20.45 uur. Kijk ook op www.carrington-brown.com.

woensdag

Festival d'Avignon 9 – Sauf tes ailes!

Er passen zo’n 40 mensen in het zaaltje aan de donkere steeg Rue du Chapeau Rouge. Althans, wel op de manier waarop de stoelen zijn neergezet: Ongemakkelijk zit ik met mijn rug tegen de knieën van degene achter me en degene voor mij zit noodgedwongen tegen mijn knieën aan. Maar de oncomfortabele zit doet er niet meer toe op het moment dat Trio Zephyr aanvangt.

De twee violistes en celliste beginnen ingetogen, bijna introvert komen ze over. De muziek klinkt zo delicaat, dat het publiek muisstil blijft. Tot die stopt. Steeds harder wordt na elk stuk geklapt. “Bravo!”, “Ah bon!”, wordt er geroepen. Verrast en ietwat nieuwsgierig kijken Delphine Chomel, Marion Diaques en Claire Menguy de zaal in.

De zekerheid dat de toeschouwers het leuk vinden wat ze doen, komt hun spel ten goede. Ze durven meer, de passie waarmee ze spelen neemt toe. Ze glimlachen niet meer stilletjes voor zich uit, maar naar elkaar en naar de zaal. Begon Sauf tes ailes! eerst alsof je een stiekeme toeschouwer was in een huiskamer waarin Trio Zephyr speelt, groeide het uit naar een intiem concert. Als ze zingen, doen ze dat prachtig en bijzonder harmonieus, waarbij de stem niet meer is dan een extra instrument en niet wordt gebruikt om een tekst over te brengen.



Het eindapplaus klinkt hard en gaat zo lang door dat de vrouwen er verlegen van worden. Dan gaan de zaallichten aan en protesteert het lichaam. Oh ja, ik zat ongelukkig.


Sauf tes ailes! van Trio Zephyr, van 8 t/m 31 juli in Théâtre Au Chapeau Rouge in Avignon om 20.30 uur. Kijk ook op www.myspace.com/triozephyr.

zondag

Festival d’Avignon 8 – C’est pas si grave

copyright "Photolosa
Oude bekenden op Le Off: L’Armée du Chahut. In 2008 en 2009 stond deze groep uit Toulouse ook al op het festival.

Deze keer komen de 5 zangers/komedianten met een voorstelling die draait om 4 vragen: Wat is er gebeurd met Hugette? Wie heeft Mozart vermoord? Waar komt de pianist vandaan? En: hoe moeten de stoelen worden neergezet?

Rare vragen voor ons, doodnormale vragen in de wereld van L’Armée du Chahut. En om ze te beantwoorden neemt het vijftal het publiek mee van Mozart naar de Beegees en weer terug, waarbij nieuwe tekst onder de klassieke stukken wordt geplakt.

Het is een vrolijke, lichte voorstelling met grappige vondsten in tekst en spel. De pianist bevindt zich op een gegeven moment per ongeluk achter de piano, terwijl de muziek doorgaat, wat natuurlijk grote verwarring teweegbrengt. De tekst over eten op een stuk van Mozart is leuk gevonden. De overgang van klassiek naar pop is knap en de stemmen van de vijf passen erg mooi bij elkaar.

Toch mist de voorstelling iets. De grappen zijn meestal flauw. Met gekke brillen, suffe kleding en gekke bekken trekken, ben je er nog lang niet. Als de humor achterblijft, zijn het maar gewoon 5 mensen die in gekke kleren heel mooi en knap zingen met af en toe een kwinkslag. Weet je je daarbij neer te leggen, heb je een uur en een kwartier waarin je je prima vermaakt. C’est pas si grave (het is niet zo erg). Wel moet je goed Frans kunnen verstaan. Voor niet-Franstaligen is C’est pas si grave niet te volgen.

C’est pas si grave van L’Armée du Chahut is van 8 t/m 31 juli te zien in College de la Salle – Théâtre du Lycée in Avignon om 16.10 uur. Kijk ook op www.armeeduchahut.fr.

Festival d’Avignon 7 – Break O

Wat een aangename verrassing om in het programmaboek van Avignon le Off de Japanse groep To R Mansion tegen te komen! Vorig jaar stond de groep als straattheateract op Place de l’Horloge. Sterk visueel theater met een belangrijke rol voor dans. Dit jaar staat To R Mansion in een van de meest smaakvolle theaters van Avignon; Théâtre de l’Etincelle.

De groep speelt veel op openbare plekken, en heeft het repertoire duidelijk aangepast aan het theater. Daar waar straattheater groots, energiek, opvallend met nauwelijks rustpunten mag en moet zijn, kan het in het theater allemaal een tandje minder.

To R Mansion heeft de rustpunten in de voorstelling goed gekozen en vult deze prachtig in. Een scene met een vliegtuig en witte waaiers is werkelijk mooi bedacht en zorgvuldig uitgevoerd. De groep maakt goed gebruik van de mogelijkheden die het theater biedt: licht en muziek benadrukken de strakke choreografie waar de vijf zich van bedienen. In de poging kleiner te spelen, is To R Mansion helaas een hoop van zijn energie kwijtgeraakt.

Bovendien mist Break O een logische lijn, waardoor de voorstelling een aaneenschakeling is van sketches die met weinig logische overgangen aan elkaar zijn geregen. Daar tegenover staat dat de scènes zelf goed in elkaar zitten en erg grappig zijn. Een groot, rood elastiek dat de spelers op verschillende manieren gebruiken, is het ene moment decor (een raam, een weg), en het volgende moment een decorstuk (een bar). Dat is niet alleen goed gevonden, ook gaan de spelers bewonderenswaardig soepel en creatief met de wisselingen van de functie van het elastiek om.

Na de spetterende optredens vorig jaar op het Place de l’Horloge waren mijn verwachtingen hooggespannen. Deze worden met Break O nauwelijks ingelost. To R Mansion mist wellicht nog wat theaterervaring om een voorstelling te maken die op een podium tot zijn recht komt. De belofte is er echter wel.

Voor niet-Franstaligen is Break O prima te volgen; er wordt nauwelijks in gesproken.

Break O van To R Mansion is van 8 t/m 31 juli te zien in Théâtre de l’Etincelle in Avignon om 12.20 uur.

Lees ook het interview met To R Mansion met Discordance (in het Frans).

vrijdag

Festival d’Avignon 6 - Faites l’amour avec un Belge!

Een van de voorstellingen op Avignon le Off met een titel die mijn nieuwsgierigheid erg prikkelde, was Faites l’amour avec un Belge!. Schrijver en acteur van het stuk, de Belg Michaël Dufour, kwam ik een paar dagen eerder tegen en omdat ik hem had beloofd te komen kijken (ik heb, ben ik bang, een zwak voor Belgen), moest ik wel.

Ook voor Fransen zijn Belgen een geliefd mikpunt voor grappen. En ook in Franse moppen zijn Belgen dom. Wat er gebeurt als een Belg met een Française trouwt, vertelt Faites l’amour avec un Belge!. In het stuk speelt Michaël Dufour een domme, simpele Belg: het is een goeie sul en een romanticus. Renard France speelt zijn vrouw, de bitcherige Française die haar man regelmatig een mep verkoopt, vol passie zit en alleen bij vlagen haar affectie toont, bij voorkeur als haar Belg iets doms heeft gedaan – wat natuurlijk veel voorkomt (het is een Belg tenslotte).

De Française gelooft niet in de liefde bedrijven (faire l’amour), maar in sex. Want liefde bedrijven kan volgens haar niet dierlijk en passievol zijn. De Belg wil geen sex, hij wil juist de liefde bedrijven. Dat kan haar niet schelen, ze wil sex, en wel nu. Hij is juist bezig te stofzuigen en wil eerst die klus afmaken. Nee, brult Renard France, MAINTENANT.

Zo komen meer culturele verschillen tussen Fransen en Belgen langs, waarbij België regelmatig het onderspit delft. Totdat Renard France over voetbal begint. Dat is het moment waarop Michaël Dufour van zich afbijt: Goed, de Rode Duivels deden niet mee aan het WK, maar de Fransen kunnen toch nauwelijks trots zijn op wat er op het WK is gebeurd?

Naar mate de voorstelling vordert, blijkt de Belg helemaal niet zo’n sukkel te zijn en de Française niet zo’n bitch. Sterker nog, de Française blijkt over onvermoede gevoelige kanten te beschikken en de Belg blijkt geslepen te zijn en deinst er bijvoorbeeld niet voor terug om haar hondje een doodschop te verkopen.

De degens worden gekruist, waarbij Michaël Dufour de zaal betrekt. Hoeveel Belgische liedjes kan hij beginnen en de zaal afmaken? Dat laat Renard France niet op zich zitten en begint Franse liedjes te zingen die de zaal moet afmaken. De strijd eindigt in gelijkspel.

Van ‘friet-buik’ tot Manneken Pis, in Faites l’amour avec un Belge! komen alle mogelijke vooroordelen langs die je maar over Belgen kunt hebben. Toch is de voorstelling maar zelden flauw. De grappen verrassen regelmatig en de personages maken een onverwachte ontwikkeling door.

En dan nu maar een Belg zoeken om de liefde mee te bedrijven. Althans, dat was de opdracht van Michaël Dufour aan het publiek. Na het bekijken van Faites l’amour avec un Belge! zou je het nog bijna doen ook.

Wie geen of weinig Frans spreekt, moet hier niet heen gaan: die mist dan simpelweg teveel. Voor alle anderen: een absolute aanrader!




Faites l’amour avec un Belge! van Michaël Dufour is van 8 t/m 31 juli te zien in Théâtre le Palace in Avignon om 22.00 uur. Voor verdere data: www.faiteslamouravecunbelge.com

maandag

Festival d’Avignon 5 - Foto's

Een paar foto's van de opening van Avignon le Off 2010

Festival d’Avignon 4 – Johnny

Een loodzwaar verhaal is het, The Apostate van de schrijver Jack London. Ga er maar aan staan om zo’n verhaal aan kinderen (vanaf 8 jaar) te vertellen.

In het kort: het verhaal speelt zich af begin vorige eeuw in Amerika. Johnny van 14 jaar is de oudste van zijn 5 broers en zussen. De vader is er niet en dus is hij de man in huis. Samen met zijn moeder werkt hij in een fabriek. Ze hebben het niet ruim: de moeder en Johnny eten maar weinig, om ervoor te zorgen dat de jongere kinderen niets tekort komen. Ondanks zijn jonge leeftijd is Johnny al overwerkt: hij klinkt mat en is te moe om met zijn broers en zussen te spelen.

Geneviève Touzet van Tara Théâtre heeft het voor elkaar gekregen om het verhaal om te vormen naar een licht marionettenspel van een uur. Een monsterklus. Natuurlijk is het nog steeds geen verhaal om te lachen. Toch ontglipt je paar keer een lach om subtiele visuele grapjes. Bijvoorbeeld als het Johnny ‘s ochtends niet lukt om op te staan en zijn moeder hem al een paar keer heeft geroepen. Zij trekt aan zijn deken en hij doet vreselijk veel moeite om toch verder te kunnen slapen.

De manier waarop het decor is gemaakt is kinderlijk eenvoudig, maar juist daardoor briljant gevonden. Zo is een draadje schuin omhoog gespannen en dat op de juiste manier wordt belicht, opeens een berg. Een andere keer is het een trap.

De poppenspelers Jean-Paul Bealu en Jean Philippe Hemery zorgen voor een perfecte uitvoering van hoe de poppen bewegen. Daar waar ander marionettentheater charmant is om zijn ietwat knullige uitvoering, kun je je bij Johnny geheel op het verhaal concentreren omdat de poppenspeler je niet afleidt.

Ik heb de voorstelling in januari gezien in Toulouse, in een groter theater, met een slechtere belichting. Dat is jammer, want juist het licht in Johnny van Tara Théâtre vertelt het verhaal mee. Dat is in het theater in College de la Salle in Avignon dus beter.

De scene waarin Johnny droomt was in Toulouse nauwelijks duidelijk. Ik hoorde een jongetje achter me constant aan zijn vader vragen: “C’est quoi?”. Nog steeds mag die scene wel wat duidelijker; juist ook omdat Johnny tussen enorme ronddraaiende klossen wordt geplet. Je denkt al snel: wel, dat is dus het einde van Johnny.

De droom van Johnny eindigt met een bezoek van de dokter, die constateert dat hij ziek is. Het is de break die Johnny nodig heeft: het geeft hem nieuwe energie en hij kan zich gaan gedragen naar zijn leeftijd. Hiermee laat Tara Théâtre het verhaal van Johnny licht eindigen. Een mooi en hoopvol einde, geschikt voor de jonge kijkers voor wie de bewerking van Jack London’s verhaal is bedoeld.



Overigens is het verhaal visueel genoeg om voor mensen met een basiskennis van het Frans te kunnen volgen.

Johnny van Tara Théâtre is van 8 t/m 31 juli te zien in College de la Salle – Théâtre des ecoles in Avignon om 16.45 uur.

Festival d’Avignon 3 – Le cabaret des hérétiques

Een zaal waarin ik een van de jongsten ben, is doorgaans een slecht teken. ‘Het is 800 jaar geleden sinds de kruistocht tegen de Albigenzen begon’, staat er in het programma. Zoiets schrikt toch jonge mensen af.

Het openingsnummer begint a capella, precies wat ik had verwacht. Middeleeuwse muziek, geïnspireerd op de ketters (Albigenzen, katharen) die 800 geleden in Zuid-Frankrijk werden opgejaagd. Maar dan nemen de muzikanten plaats achter hun instrumenten en zetten een stevig ritme aan. Vervolgens verdwijnt iedereen van het podium, op een vrouw na. Zij vertelt kort, terwijl ze zich omkleedt, over de ketters in het zuiden van Frankrijk. Vervolgens komt er een nummer over die ketters met een dikke knipoog naar wat ze geloofden. Geen troubadourgezang, geen middeleeuwse instrumenten. Dit is onvervalste rock. Niet erg, zelfs best goed, maar niet wat de programma-omschrijving deed vermoeden.

Le cabaret des hérétiques neemt zijn publiek mee langs de treurige geschiedenis van de Albigenzen. Wie die ketters waren, de irritatie van de paus over die ketters, de start van de kruistochten, de oprichting van de inquisitie, de steun van de Franse koning en de afslachting van de duizenden ketterse mannen, vrouwen en kinderen.

Théâtre du Maquis kiest in de vertelling de kant van de ketters en schuwt daarin niet om de andere kant, met name de paus, belachelijk te maken. Makkelijk, ja. Maar onweerstaanbaar grappig. Bij de geschiedenis over de enorme moordpartij in de Franse stad Béziers weet het gezelschap de zaal muisstil te krijgen, om daarna met harde hand de verantwoordelijke paus, en diens opvolgers die ook honderden dode ketters op hun geweten hebben, op satirische manier tot de orde te roepen.



De 800 jaar oude geschiedenis is allerminst om te lachen. Toch doen de 7 theatermakers je mondhoeken omhoog krullen door hun vrolijke energie die troubadours ook moeten hebben gehad.

De voorstelling in het programmaboek van Avignon Le Off staat aangeschreven als een die geschikt is voor niet-Franstaligen. Dit klopt totaal niet. De voorstelling is zelfs lastig te volgen als je redelijk Frans kunt. Vooral als je nog nooit hebt gehoord over de kruistocht tegen de Albigenzen. Maar dat is ook het enige minpuntje.

Le cabaret des hérétiques van Théâtre du Maquis is van 8 t/m 31 juli (behalve de19e) te zien in het Buffon Théâtre in Avignon om 21.45 uur.

woensdag

Festival d’Avignon 2 – De start

De stad lijkt stiller dan anders. De straten missen het geluid wat het normaal tijdens het festival wel heeft. Theatermakers die flyers uitdelen zijn weg. Toeristen zijn nauwelijks te vinden. Althans, niet in de geijkte winkelstraten. Dichterbij de Rue de la Republique wordt het drukker. Getrommel klinkt, geroezemoes, geschreeuw, gezang.

Vanaf half 6 trekt een lange stoet van de theatermakers van Avignon le Off dwars door de stad om te eindigen op het plein voor het Palais des Papes. Het zou cliché zijn om te zeggen dat het een kleurrijke stoet is, maar dat is het wel. Kostuums, de een nog uitbundiger dan de ander, wilde schmink of maskers.

Een paar vallen op. Bijvoorbeeld een jonkvrouwe die in een kooi wordt voortgetrokken met een treurende jonkheer die erbij loopt. Dat belooft wat voor het stuk van Molière dat elke middag is te zien. De mannen in de zwarte t-shirts met het woord Penetrator erop wekken op z’n minst mijn nieuwsgierigheid. Net als de man die op zijn shirt ‘Donneur d’orgasme’ heeft staan. Of de politieagenten die streng ‘Shhh’ schreeuwen naar het publiek. 









Naar welke voorstellingen ik ga kijken? Je zult hier lezen.

zondag

Festival d'Avignon 1 - Aftellen

Wee de werkvermoeiden die van weekend naar weekend leven, van vakantie naar vakantie.
En toch.
Sinds eind juli vorig jaar kijk ik uit naar begin juli van dit jaar. Het moment waarop in Avignon het grootste theaterfestival ter wereld begint: Festival d'Avignon. En eigenlijk bedoel ik daarmee vooral Avignon le Off.

Door het jaar heen is Avignon een vrij rustig stadje waar toeristen rustig de Pont d'Avignon (bekend van het liedje) en het Palais des Papes bezoeken. Maar vanaf eind juni komt er een energieke vrolijke sfeer over de stad: het festival komt eraan. Plotseling komen op bruggen, lantaarnpalen of regenpijpen borden te hangen waarop postertjes van theatervoorstellingen. In de loop van juli nemen die bordjes exponentieel toe, zullen ze elkaar proberen te overstemmen, zowel in opvallendheid als in hoeveelheid.

Elke verborgen stadshoek, kelder of achterkamer wordt in juli omgetoverd tot theaterzaal. Er zijn ruimtes in de stad die het hele jaar door leeg staan, op juli na. De huur is tijdens het festival zo hoog, dat het niet nodig is om er voor de andere maanden iets voor te verzinnen: de eigenaar is toch wel uit de kosten.

Voor de theatergroepen die op 'Le Off' staan, betekent het festival dat je gezien moet worden. En dan niet door de duizenden mensen die naar Avignon komen (dat is slechts een bonus en een manier om enigszins uit de kosten te komen), maar door de theaterprogrammeurs. Die komen uit heel Frankrijk (en soms ook daarbuiten), op zoek naar dat ene talent voor hun theater.

Iedereen die op Le Off staat, speelt daarom elke dag, sans cesse. Want op een dag kan er zomaar een programmeur in de zaal zitten die de voorstelling boekt en dan moet de zaal wel vol zitten. De theatermakers gaan daarom de straat op,om publiek naar hun voorstelling te trekken. De een deelt alleen maar flyers uit, de ander maakt daar een kleine show omheen en splitst vervolgens zo'n flyer in je maag (alleen chagrijnige Avignonnais mogen weigeren, dus pak de flyers altijd aan en zorg voor een grote tas waar ze allemaal in kunnen).

Omdat er geen programmeur is die bepaalt welke theatergroep op Le Off mag staan, is de kwaliteit van de voorstellingen erg wisselend. Het is daardoor altijd spannend wat je krijgt te zien. Toch liever op safe spelen? Morgen begint de (online) voorverkoop van het Festival d'Avignon.

Tips: 'This is how you will disappear' van Giselle Vienne (modern dans, zie ook wat ik over de voorstelling Showroomdummies heb geschreven), Trust' van onze eigen Anouk van Dijk (let op, de voorstelling is in het Duits met Franse ondertiteling), en het Vlaamse 'L'Homme sans qualités' van Guy Cassiers (voorstelling in het Nederlands met Franse ondertiteling).

Het programma van Avignon Le Off gaat vanaf 15 juni online, maar eigenlijk hoor je je niet daardoor te laten leiden. Bezoekers van Le Off moeten zich laten meetrekken, zich laten verleiden op straat. Vanaf 8 juli. Het aftellen is begonnen.

maandag

Punch & Judy in Afghanistan

Poppenspeler Nigel raakt verzeild in Afghanistan. Hij zou de troepen daar vermaken, maar onderweg raakt hij zijn assistent Emile kwijt. Op zoek naar Emile komt hij Achim tegen, die niet onder doet voor Achmed the dead terrorist. Vervolgens wordt Nigel onder schot genomen door Jean-Michel, de bange Franse soldaat die naar huis mag als hij een terrorist neerschiet. Maar in zes jaar tijd heeft hij nog geen terrorist gevonden.

Als Nigel toch in Afghanistan is, bezoekt hij ook Tora Bora. Hij ontmoet Bin Laden, die een vet Australisch accent blijkt te hebben. Zijn vrouw Judy houdt ervan om mensen letterlijk in de pan te hakken. De naam Emile klinkt niet voor niets als ‘a meal’.

De voorstelling Punch & Judy in Afghanistan van Stuffed Puppet Theatre is een aaneenschakeling van grappen die dankzij de verschillende personages worden gemaakt. En ook al heb je daardoor voldoende te lachen, is het niet meer dan dat: een aaneenschakeling van grappen. De verhaallijn vertoont nogal wat gaten en doordat het verhaal toch al wat dun is, valt dat extra op. Dat is jammer, want de poppen hadden beter verdiend.

Stuffed Puppet Theatre speelde tijdens het Pop Arts Festival dat de afgelopen week in theater Bellevue, Ostadetheater en in de Krakeling was te zien.

zondag

Showroomdummies

Photo : Fréderic Nauczyciel
Mannen hunkeren naar liefde. En vrouwen zijn niet veel meer dan etalagepoppen die zich een man laten voorschrijven wat voor een houding ze moeten aannemen. Dat is althans wat de voorstelling Showroomdummies van Gisèle Vienne en Etienne Bideau Rey wil vertellen.
Zes dansers en een handjevol etalagepoppen zetten een voorstelling neer die humoristisch, bij vlagen ontroerend, maar vooral bevreemdend is. Dat laatste wordt benadrukt door de muziek van Peter Rehberg.

Knap is dat het verschil tussen de dansers die de etalagepoppen spelen, en de echte poppen soms vervaagt. De ene pop komt tot leven en blijkt een van de dansers te zijn, waardoor je de andere poppen ervan verdenkt ook plots te gaan bewegen.

Zoals ook in het echte leven, laten de vrouwen/poppen zich niet blijvend de wet voorschrijven door de mannen. De poppen komen in opstand en het lukt de mannen niet meer om ze in bedwang te houden. Omdat de mannen de liefde voor hun poppen toch belangrijker vinden dan de baas spelen, delven ze al snel het onderspit.
Subtiel - misschien te subtiel voor het Nederlandse publiek - werkt Showroomdummies naar deze climax toe om vervolgens energiek en adembenemend te eindigen.

Gisteren was de eerste - en enige - keer dat Showroomdummies in Nederland was te zien. Wie toevallig 12,13,14 of 16 maart in de buurt van Parijs is, kan de voorstelling bekijken in Théâtre Grennevilliers.